maandag 18 februari 2013


Boiling Lake


Dominica


Het is feest in Dominica en de Calypso (Caribisch muziekfestival) heeft de hele nacht geduurd tot 7 uur ’s ochtends!  Af en toe hadden we het gevoel alsof de boxen langs het strand stonden want het was een enorme herrie. Als we om negen uur klaar zitten om opgehaald te worden voor de tour blijkt het voor niets. Rond half tien roepen een aantal andere boten, die ook meegaan met de tour,  Pancho op en komt er actie. Uiteindelijk worden we om 10 uur afgehaald en blijkt dat Pancho zich verslapen heeft want hij was tot laat aan het feesten!! We rijden eerst via het centrum van Dominica, daarna langs de oostkust en genieten van de prachtige natuur. Het eiland is bijzonder groen en we passeren vele rivieren. Volgens de chauffeur zijn er zo’n 360 rivieren voor bijna elke dag één. Rond twaalven komen we in Victoria Falls aan en beginnen aan de wandeling naar de watervallen. De natuur is adembenemend mooi want we wandelen door een prachtig regenwoud en overal zijn er mooie doorkijkjes langs de rivier. De gids vertelt ons dat we de rivier zeker 5 keer moeten oversteken voordat we bij de watervallen zijn. Al gauw wordt het duidelijk dat het geen eenvoudige wandeling is want we waden door rivieren tot over onze middel en klauteren over gladde stenen. Af en toe is het wel even spannend hoe we sommige hordes moeten nemen maar de gids laat ons zien wat we moeten doen en iedereen helpt elkaar. Het water van de rivier is lichtblauw, wittig door de zwavel, want het water van de rivier komt uit het boiling lake waar we later in de week naartoe gaan. Na anderhalf uur lopen komen we bij de Victoria Falls, de hoogste waterval van Dominica en het water komt met een enorm geweld naar beneden. Nadat we in het meer gezwommen hebben nemen we dezelfde weg weer terug. Na de vermoeiende maar bijzondere tocht lunchen we in een rastarestaurant, het eten wordt geserveerd in een kalebas en met een glas bier erbij is de vermoeidheid zo vergeten. Later in de middag rijden we via de zuidkust terug naar Roseau en hebben zo ook een groot deel van het eiland gezien.
Klauteren van rots naar rots en tot onze middel door de rivier.


Maandag is het carnaval en we hebben er allemaal zin in. Wel is het onduidelijk wanneer de parade is maar we lopen om tien uur op goed geluk de stad in. We zien nog weinig activiteit dus gaan we eerst naar de douane om de boot in te klaren. In Dominica hoef je de boot alleen maar in te klaren en als je binnen twee weken het land verlaat hoef je de boot ook niet meer uit te klaren. Ongelooflijk hoe gemakkelijk het allemaal geworden is. Als we rond elf uur de stad inlopen vinden we dat er een erg onaangename sfeer heerst. Er lopen vele dronken mensen rond en alleen maar opgeschoten jeugd. We besluiten dan maar om terug te gaan naar de boot. Na de lunch proberen we het nog een keer en is de stemming in de stad heel anders. Er lopen allemaal gezinnetjes rond, er is muziek en overal kan je wat te eten of te drinken kopen. Na wat navraag gedaan te hebben wanneer de parade begint krijgen we allemaal verschillende antwoorden. Af en toe komt er een kar door de straten met veel muziek maar er is geen sprake van een parade. Na een uur wachten geven we het op en gaan terug naar de boot. Een mevrouw vertelt ons dat morgen de echte parade met alles kostuums is maar wij hebben ondertussen genoeg van het carnaval dus wij gaan het niet meer meemaken!! Als we terug gaan naar de dinghy blijkt dat onze dinghy onder de steiger is geraakt en waarschijnlijk door een spijker lek geprikt. De dinghy is half leeggelopen maar Raoul kan er nog mee varen en brengt de jongens aan boord en pompt de dinghy op. Als ook ik aan boord ben krijgen we bezoek van Fred en Lydia van de Samantha, een Nederlandse boot die naast ons aan de mooring is komen te liggen. We laten de dinghy voor wat het is en nodigen Fred en Lydia voor een borrel uit. Aan de andere kant naast ons heeft Alan van de Cheal ondertussen zijn anker uitgegooid en ook hem nodigen we uit voor een borrel. Alan is een Ierse solozeiler en hebben we in Grenada ontmoet toen we met Graham en Joannie optrokken. Het is erg leuk om Alan weer te zien en zijn verhalen te horen. Uiteindelijk is het dus nog een hele gezellig middag geworden! Na het borrelen plakken we de dinghy en het blijkt dat het plaksel houdt dus dat probleem is ook weer opgelost. ’s Avonds peddelen we nog even naar de Samantha voor een kop koffie.
De enige leuke band met kostuums.


Dinsdag staat er een wandeltocht naar de boiling lake op het programma. We zitten om acht uur netjes klaar maar er komt wederom niemand opdagen. Om half negen besluit ik om met de kinderen school te gaan doen en het wandelplan te vergeten. Pancho komt zich om tien uur verontschuldigen maar daar kunnen we niets mee. We vinden uiteindelijk een andere gids en plannen de tour voor morgen. Rond de lunch gaan we naar met de bus naar champagne reef, een rif waar de zwavelbubbels uit de grond komen. Het idee is om er te gaan snorkelen om de bubbels te bekijken maar als we er aankomen blijkt er een enorme branding op het strand met stenen te staan. Alleen Raoul gaat erin maar hij haalt zijn voeten open. Als hij eruit komt blijken de bubbels ook niet zo spectaculair te zijn dus we hebben niet veel gemist. Vanuit de bar hebben we een mooi uitzicht over de baai en horen het geluid van de branding onder ons. Plotseling klimt er een leguaan bij ons op de balustrade, die doodleuk verder wandelt en daarna in de bomen verdwijnt. Terug bij de boot worden de waterski’s tevoorschijn gehaald en volop gewaterskied. Sjoerd maakt de gekste capriolen op twee ski’s en Luuk lukt het al om te mono skiën (waterskiën op één ski). ’s Avonds komen Fred en Lydia nog langs voor een kop koffie en om afscheid te nemen, want zij varen morgen verder naar Martinique.
Sjoerd op de waterski's


Woensdagochtend vroeg komt Sea Cat, waarmee we de tour geregeld hebben, langs om te kijken of we al klaar staan. Het lijkt wel alsof het dan toch gaat gebeuren!! Om acht uur varen we naar de afgesproken plek en worden we opgehaald met een busje en er blijken nog twee Duitsers mee te gaan. We worden aan het begin van de tocht afgezet en voorgesteld aan Kello de gids, die met ons meegaat. We lopen eerst anderhalf uur door een fantastisch regenwoud en Kello legt van alles uit over de planten en bomen. Er volgt een zeer steile klim naar de top van de berg, waar de bomen veranderen in laag struikgewas en waarvandaan we een prachtig uitzicht over de vallei hebben. We dalen af en komen in de desolation valley, waar zwavel en kokend water omhoog komt. De klei met zwavel schijnt er goed voor je huid te zijn en we proberen het uit op onze gezichten. Kello kookt voor ons een eitje in het kokende water en die energie kunnen we zeker nog gebruiken want we moeten kleine riviertjes oversteken en nogmaals klimmen voordat we bij boiling Lake zijn. Na drie en een half uur lopen zijn we er en kijken we vol verbazing naar het grote bubbelende zwavelmeer voor ons, het tweede grootste boiling lake van de wereld! Na een goede lunch gaan we weer terug en lopen dit keer bijna non stop door. Gelukkig zit er nu maar één lange klim in die we moeizaam opkomen want we zijn allemaal aardig moe. De jongens lijken nergens last van te hebben en zijn continu de hele groep vooruit. De rest van de tocht is grotendeels bergaf wat ons makkelijker afgaat. Aan het einde van de tocht kunnen we heerlijk bijkomen en zwemmen in de Titou Gorge, waar ook een scene van Pirates of the Caribbean is opgenomen. De Titou Gorge is een nauwe doorgang tussen rotsen en als we ertussendoor zwemmen komen we uit bij een waterval. Het water van de Gorge is erg koud maar gelukkig komt er uit de rotsen ook warm water van het boiling lake. Na de verfrissende duik worden we teruggebracht naar de boot. ´s Avonds hebben we genoeg om over na te praten en zijn er trots dat de jongens zo goed gelopen hebben. Voor ons is zeker deze wandeltocht één van de vele highlights van onze trip tot nu toe!


Desolation valley


Een masker van zwavelklei.

Een heerlijk gekookt eitje.

 

Ile de Saints


De volgende dag hebben we allemaal, behalve de jongens, spierpijn en vertrekken we naar Ile de Saints een drietal kleine eilanden die bij Frankrijk horen. Als we langs de kust van Dominica varen staat er weinig wind en kan ik mooi school doen met de kinderen. Als we eenmaal onder het eiland vandaan komen staat er wederom een goede wind en rollen we de genua uit. We hebben geen zin in een actieve zeildag want we zijn nog een beetje aan het bijkomen van de wandeltocht. We lopen alleen met de genua zo’n 6 knopen dus dat is goed genoeg. We komen rond half drie bij Ile de Saints aan een aantal kleine eilanden voor de kust van Guadelope. In de baai liggen 80 moorings en we kunnen gelukkig nog een vrije mooring vinden. We gaan met de dinghy naar de kant om ons in te klaren want we zijn nu weer op Frans grondgebied, wat ook wel weer te merken is want alles is weer netjes aangeharkt. Het blijkt dat we uiteindelijk in een internet café de boot kunnen inklaren, door zelf alle gegevens in de computer te stoppen en uit te printen. We vinden een Carrefour waar we weer alles kunnen krijgen dus we doen weer goed inkopen. ´s Avonds genieten we in de kuip van de lichtjes van Guadeloupe onder het genot van een kopje koffie.
De baai Terres- Haute, Isle de Saints.


We starten de dag met school en gaan daarna de kant op om het fort van Napoleon te bekijken. Het fort staat hoog op de heuvel dus het is een hele klim en de kuiten zijn nog wat gevoelig. Het fort is nu een museum en de moeite waard, met name de maquete van de belangrijke veldslag bij Ile de Saints in 1782, tussen de Fransen en Engelsen maken veel indruk op de jongens. In de tuin rond het kasteel kunnen de jongens weer op leguanen jacht want er lopen er een aantal mooie exemplaren rond. We dalen wederom af naar het toeristische Bourg de Saintes en halen daar de laatste boodschappen. We varen een baai verder naar Pain de Sucre en gooien het anker uit. De  baai is redelijk idylische met zandstrand en palmbomen. Bij de rots van Pain de Sucre kun je goed duiken en we gaan alle vier naar beneden. Ik neem voor het eerst één van de jongens mee zodat we met z’n allen naar beneden kunnen gaan. Het is nog wel even wennen om met een kind te zwemmen, maar Sjoerd geniet ervan om met me te duiken en we zien weer allerlei mooie vissen en koralen.


Leguaan op Isle de Saints.

 

Guadeloupe

Zaterdagochtend verlaten we Ile de Saints rond een uur of acht voor een tocht van 40 mijl naar Deshaies in Guadeloupe. Als we net achter Ile de Saints wegvaren komen we in een enorme squall terecht met veel wind, minimaal dertig knopen en regen. Gelukkig hadden we alleen maar de genua uitstaan omdat het een korte trip tussen de eilanden was en achter het eiland de wind vaak weer wegvalt. Het is dus een korte maar heftige oversteek naar Guadeloupe maar als we eenmaal achter het eiland varen staat er inderdaad geen wind en motoren we rustig verder. We maken een lunchstop bij de Pigeon Eilanden, een paar kleine eilanden dat nu een natuurreservaat is en genoemd hebben naar de heer Jacques Cousteau. Bij de eilanden liggen moorings en je kunt er vanaf je boot duiken. We nemen ieder één van de jongens en maken een fantastische duik. We zien dit keer een grotere verscheidenheid aan vissen, de vissen zijn groter en we zien zelfs een schildpad zwemmen. Het is de beste duik tot nu toe!! Als we op de boot ons vissenboek erbij pakken kunnen we een paar soorten vissen terugvinden zoals bijv. de black durgon, trunkfish, queen parrotfish, sergeant major en four eye butterfly fish. Na de lunch varen we door naar Deshaies waar we wederom bij een internet café kunnen uitklaren. ´s Middags zien we een Engelse boot, de Mad Fish met een paar jongens erop in de leeftijden van Luuk en Sjoerd en we gaan langs om kennis te maken. De jongens kunnen het goed met elkaar vinden dus hopelijk zien we ze nog ergens tijdens de trip. Als we naar onze boot terugvaren zien we ineens de MareLiberum liggen, een Nederlandse boot die we voor het laatst in Tobago gezien hebben. ´s Avonds kletsen we gezellig bij tijdens een kop koffie en ook hun hopen we later nog weer eens te zien.v

Klaar om te duiken bij het Cousteau National Park.
Ongelooflijk hoe snel de tijd gaat!! Vandaag trekken we alweer verder naar Antigua en zijn al bijna bij de bovenste bovenwindse eilanden aangekomen. De tocht naar Antigua is 40 mijl en we vertrekken vroeg. Als we achter Guadeloupe vandaan komen staat er zeker windkracht 5 en zijn we blij dat we het grootzeil met twee reven hebben gehesen. Wel kunnen we halve wind varen maar er staan redelijk hoge golven waardoor het niet erg comfortabel is aan boord. Halverwege de overtocht gaat het harder waaien en rollen we ook de genua half in. We varen wederom als een tierelier met een gemiddelde van 7 knopen en binnen 6 uur varen zijn we in Antigua. We varen English Harbour binnen en ankeren voor de haven in Reefmann Bay. Een leuke baai met zandstrandjes maar het is een vrij drukke ankerplek en aangezien er niet veel wind staat draaien we continu rondjes. ’s Avons kunnen we meegenieten van de muziek van het feest bij Shirley Hights, de heuvel voor ons. Er speelt een goede cover band met rock’n roll muziek en reggae. De komende week gaan we de vele baaien van Antigua ontdekken en genieten van het turquoise water.







Victoria Falls
 



The river.
The boys swimming in the pool of the Victoria Falls.



 

 
 
 
 
 


Champagne reef.




Boiling Lake Valley.

Natural tatoe.

National flower of Dominica.




 

 

 

 



Bourg de Saintes, Ile de Saints.
 


Courtesy flag of France for Isle the Saints and Guadeloupe.


Pigeon Islands, National Park Jacques Cousteau.


 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten